Witwassen

Onder internationale druk is ‘witwassen’ sinds begin jaren ’90 ook in onze Belgische wetgeving ontwikkeld. Het begrip is vandaag verworden tot een fenomeen om rekening mee te houden.

Witwassen wordt in België op twee manieren aangepakt: preventief en repressief.

Preventieve witwaswetgeving

Op preventief vlak is er de Wet van 11 januari 1993. Enerzijds heeft die een reeks algemeen geldende verplichtingen ingevoerd. Zo is er bijvoorbeeld het verbod om cash betalingen te doen boven de 15.000 EUR. En anderzijds wordt een meldingsplicht opgelegd aan een steeds uitdijende groep van beroepen. Van bankiers over vastgoedmakelaars tot accountants. Dit gebeurt als er witwasdoeleinden worden vermoed.

Repressieve witwaswetgeving

Op repressief vlak is er art. 505 van het Strafwetboek. Dit stelt de (illegale) handelingen met vermogensvoordelen afkomstig uit een misdrijf strafbaar als ‘witwassen’ (bv. oplichting).

Het gaat niet alleen om gelden van zware criminaliteit. Wel gaat het om alle vermogensvoordelen afkomstig uit eender welk misdrijf. Zelfs de meest eenvoudige. Er bestaat nog enige onduidelijkheid over, maar ook fiscale fraude zou aanleiding kunnen geven tot vervolging op basis van witwassen.

Witwassen is geen lachertje. Er is een breed toepassingsgebied van de wetgeving en ook het parket neemt witwassen zeer ernstig. Als u denkt een risico te lopen, analyseren we dit graag verder met u. Zo kunnen we nagaan wat u hiertegen kan ondernemen.  

Zowel slachtoffers als daders begeleiden wij in een mogelijk procedure.

Contacteer ons voor verdere informatie.